Akwasi duikt op met een stevige boodschap op Instagram. Dit keer pleit hij ervoor om 1 juli, Keti Koti, de dag waarop de afschaffing van de slavernij wordt herdacht, tot nationale vrije dag te bombarderen. “We zijn heel dichtbij”, schrijft hij triomfantelijk. En dat is natuurlijk voer voor discussie.
Want eerlijk: een extra vrije dag klinkt voor niemand verkeerd. Maar de manier waarop Akwasi het brengt, zorgt ook dit jaar weer voor de nodige opgetrokken wenkbrauwen. Vooral omdat hij het presenteert als iets dat de hele samenleving ‘moet’ doen, terwijl het draagvlak daarbuiten allesbehalve vanzelfsprekend is.
Bij Omroep Zwart, de zender waar Akwasi aan het roer staat, waren ze op 1 juli al vrij. Nou ja, bijna iedereen dan. Het productieteam moest natuurlijk gewoon aan de bak om de uitzending over Keti Koti op poten te zetten.
Op zijn socials roept Akwasi vol vuur op om via een site zelf alvast je vrije dag te claimen: 1julivrij.nl. Het voelt bijna alsof je een festivalkaartje koopt. Alleen in plaats van housemuziek en biertjes krijg je een flinke dosis schuldgevoel en morele lesjes.
Wat opvalt: in plaats van dat Keti Koti wordt gepresenteerd als een moment van verbinding of gezamenlijke reflectie, voelt het bij sommigen juist als een soort wij-tegen-zij moment. Kritiek op de uitvoering van deze dag wordt snel afgedaan als ongevoelig of ‘wit privilege’. Terwijl je ook gewoon kunt denken: hé, mooi om te herdenken, maar moet het per se met nóg een verplichte vrije dag erbij?
Daar komt nog bij dat Akwasi niet bepaald bekend staat om zijn nuance. Hij wil wel vrijheid, maar geen tegengeluid. Geen kritische vragen, geen debat. Alleen instemming. En het liefst wat nationale erkenning op de koop toe. Oh, en betaalde vrije uren graag. Want een statement maken is leuk, maar niet als het je eigen weekendplannen in de weg zit.
En ja, ondertussen groeit het lijstje: excuses vanuit de staat (check), discussie over herstelbetalingen (ongoing), straatnamen die moeten verdwijnen (kom maar door), en nu dus ook een nationale vrije dag. Voor sommigen voelt het als noodzakelijke reparatie van een pijnlijk verleden. Voor anderen lijkt het alsof we collectief blijven hangen in een schuldgevoel dat generaties overspant.
Wat je er ook van vindt, één ding is duidelijk: Akwasi weet de aandacht weer te pakken. Hij polariseert, provoceert en blijft een vaste speler in het publieke debat. Maar of dat genoeg is om van 1 juli écht een vrije dag te maken? Dat ligt niet in zijn handen – maar misschien wel in die van de politiek. En natuurlijk: in wat Nederland zélf wil.
