De politie heeft maandagmiddag in de rivier de Maas het lichaam gevonden van de 25-jarige man uit Heijen die sinds 4 november vermist werd. De ontdekking kwam na dagenlang intensief zoeken door zowel hulpdiensten als vrijwilligers.
Het lichaam werd even na 13.00 uur gevonden door een sonarboot van de politie, op korte afstand van de woning van de man aan de Hoofdstraat in Heijen. De politie bevestigt dat er geen aanwijzingen zijn voor een misdrijf.
Grootschalige zoekactie
De vermissing hield het dorp dagenlang in zijn greep. Al snel na de melding werd een grote zoekactie opgezet waarbij onder meer achttien vrijwilligers van SARNederland betrokken waren. Met quads, drones en gespecialiseerde zoekteams werd het gebied rond Heijen en Gennep nauwkeurig afgezocht.
Ook het Landelijk Team Onderwaterzoekingen (LTOZ) van de politie sloot zich aan bij de operatie. Vanaf de Veerstraat in Gennep voeren de duikers met een sonarboot stroomafwaarts de Maas op. Kort daarna kwam de bevestiging van de tragische vondst.
Een woordvoerder van SARNederland noemde de afloop “verschrikkelijk nieuws” en sprak medeleven uit richting de familie van het slachtoffer.
Uit eerste onderzoek blijkt dat de man vermoedelijk door een noodlottig ongeval om het leven is gekomen. De politie sluit misdrijf uit en onderzoekt nog hoe hij precies in het water terecht is gekomen.
Het zoekgebied strekte zich uit over een afstand van ruim 50 kilometer langs de Maas, waar zowel vanaf land als vanuit de lucht gezocht werd. De inzet van drones en sonarapparatuur bleek uiteindelijk doorslaggevend.
De politie heeft het lichaam inmiddels overgedragen aan de familie.
De vrijwilligersorganisatie SARNederland, die vaker wordt ingezet bij vermissingen, laat weten zwaar aangeslagen te zijn. “We doen dit werk met het hart, in de hoop mensen levend te vinden,” aldus een woordvoerder. “Dat is helaas niet altijd mogelijk. We wensen de nabestaanden veel sterkte toe in deze moeilijke tijd.”
Ook via sociale media stromen de steunbetuigingen binnen. Bewoners van Heijen en omliggende dorpen spreken van een “zwarte maandag” voor de gemeenschap.
